Les fontaines sallees
De Keltische tempel en het Romeinse badhuis
       
 

 

 

De gallo-romeinse bronnen even buiten Saint Pere sous Vezelay. Uit de bodem borrelt helium, en het water smaakt zout. De bronnen waren al in gebruik 4200 jaar geleden. Vroeger reisde men van heinde en ver omdat dit water genezing zou brengen. Nog steeds werkt het goed op ziekten als psoriasis en andere huidziekten. Het grootste deel van het complex bestaat uit overblijfselen van een Romeins badhuis.

De bron was oorspronkelijk gewijd aan een Keltische godin, wellicht onder de naam Soelis, die in West Europa algemeen als god van genezing schenkende bronnnen werd vereerd. Een Godin, vanzelfsprekend, omdat de aarde traditioneel gesymboliseerd werd door de vrouw. De tempel is de grootste in Frankrijk. De Romeinen vereerden er bijna gelijktijdig hun godin Minerva niet precies op de plek van de Keltische tempel, maar er vlak naast.

De bron had een dubbel doel: het was enerzijds een centrum van verering, waarin offers aan Sulis en Minerva werden gebracht en anderzijds een reservoir dat de baden van watervoorzag. Niemand zwom in die bron omdat het een heilige plaats was.

De Kelten hebben altijd grote eerbied gehad voor heilige bronnen, vanwege geneeskrachtige water, dat van de goden zou komen. Wie van het water gebruik maakten werden genezen door de god van de bron.

Op deze plek vind je ook de overblijfselen van een rituele tempelrondgang waar processies werden gehouden aan de godin van de bron.

 

In het museumpje van Saint Pere liggen de beeldjes en andere opgravingen van deze plek.

De opgraving is te bezichtigen iedere dag van 10 uur tot 12.30 en van 13.30 tot 18.30,

van 1 april tot 1 november. Buiten het seizoen geeft een tochtje door weilanden met koeien

toegang tot de plek.